promi-banner onacall01

32. Wie is de markt?

Download PDF

Beste Gerard

Stel je eens voor dat er een wereldvreemd wezen uit een ander planetenstelstel op onze aarde landt. Hoe zal dat wezen tegen deze wereld aankijken? Laten we er voor het gemak vanuit gaan dat het een kat-uit-de-boom-kijken type is. Een wezen dat met, voor ons onbekende zintuigen, ziet en hoort wat de belangrijkste zaken zijn waar wij ons op deze aarde druk om maken.Grote kans dat het wezen al snel tot de conclusie komt dat het hier op aarde vooral gaat om de economie. Het ziet dat producten over de hele wereld verplaatst worden en verbaast zich dat concentraties van mensen die de goederen consumeren ver verwijderd liggen van de plaatsen waar de meeste van die producten worden gemaakt. Het is een drukte van jewelste op die aardkloot. Men zaait, oogst, maakt, sleept, verplaatst, eet, drinkt, consumeert en praat. En door dat hele proces stroomt een raar goedje, dat ze geld noemen, als een soort bindmiddel om alles bij elkaar te houden. Maar de hoeveelheid geld die door dat economisch proces stroomt lijkt veel te groot. In plaats van dat het geld het economisch proces verstevigt en flexibel maakt, ontstaat verwatering. Het proces wordt slap en dreigt in losse stukjes uit elkaar te vallen. Dat ziet zelfs het wezen met zijn buitenaardse hersenen al snel.

‘Dan verminder je toch gewoon de hoeveelheid geld. Of in ieder geval stop je met er nog meer geld aan toe te voegen. Dan wordt het proces vanzelf weer steviger.’ Ook buiten onze planeet wordt blijkbaar logisch gedacht. Maar als het wezen vervolgens kijkt naar wat er gebeurt, ziet het dat er krachten zijn die juist meer van dat watergeld willen toevoegen. ‘

Wie zijn die krachten en hoe kan het dat die krachten zoveel invloed hebben dat zij de natuurlijke logica kunnen negeren?’ vraagt het wezen zich vol onaardse verwondering af. Al snel blijkt dat angst alle besluitvorming blokkeert en saboteert. Angst voor een blijkbaar wel zeer machtige tegenstander: de markt! De geldmarkt! Bij elk te nemen besluit wordt meegewogen wat de markt er van zal vinden. Zal hij boos worden (koersen dalen), zal hij wraak nemen (rentes stijgen), zal hij persoonlijk worden (banken afwaarderen)? Allemaal vragen waarvan ons wezen zich afvraagt waarom je daar zo bang voor moet zijn? ‘

‘Economie is toch produceren, innoveren en consumeren? Geld was toch bedoeld als hulpmiddel om het economische proces soepel te laten verlopen? Geld is toch geen doel op zich? Wie is toch die markt? Wie is toch die opgeblazen kikker die zich zo belangrijk vindt? En waarom vinden anderen zijn mening zo belangrijk?, vraagt het wezen zich in alle onschuld af en gaat op zoek naar de (geld)markt om hem beter te leren kennen.

Maar zelfs voor een buitenaards wezen met scherpe zintuigen is de markt niet te vinden. De speurtocht levert niets op. De markt blijkt geen persoon of organisatie of instituut te zijn waarmee je in contact kunt komen. Het is een ongrijpbaar begrip. Je kunt er niet mee praten, je kunt het niet vastpakken. Het is niets meer dan een collectief verzinsel gevoed door de gedachten van velen dat het hoogste streven van de mens is, om zoveel mogelijk van dat geld te bezitten. En die velen zijn vaak dezelfde personen die zo bang zijn voor die ongrijpbare markt met zijn hebberig en heerszuchtig gedrag. In feite is men bang voor zichzelf. Bang voor de eigen heb- en heerszucht. Bang voor een luchtspiegeling.

‘Rare wereld,’ pruttelt het wezen. Grote groepen mensen voelen zich verbonden met elkaar rondom de angst voor de geldmarkt en blazen steeds meer lucht in die markt.

Als onze vreemde gast voor hij vertrekt nog even boven de aarde blijft hangen ziet het twee grote bewegingen. Een geldmarktdenken dat als een gigantische bedwelmende wolk boven de aarde hangt, maar tegelijkertijd op knappen staat. En daaronder een economische bedrijvigheid in een wirwar van kleine en middelgrote ondernemingen die zich niets aantrekken van die angsthazerij van de geldmarkt en hun eigen gang gaan met produceren, innoveren en consumeren.

Het zien van die onderliggende bedrijvigheid en onafhankelijkheid maakt de vreemde bezoeker op de valreep nog blij. Het wezen zweeft nog even door een bedrijventerrein dat barst van de energie en verdwijnt dan langs een Lugera lichtreclame weer in het niets.

Groeten

Jan

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *

Blue Captcha Image
Refresh

*

 
logo_lugera

Copyright © 2013. All Rights Reserved.